Marie

Marie, de halfzus van Diederik, is slim, opmerkzaam en zelfstandig, maar heeft het door haar verleden moeilijk zich open te stellen. In het kasteel wordt ze kamermeisje omdat dat ‘hoort’, terwijl ze eigenlijk droomt van een toekomst als wachter. De wachters vinden hun zogezegd ‘fysiek veeleisende’ taak ongeschikt voor een vrouw en liggen haar vooral dwars.